Rangorde: 1&2 is trictrac en wint van alles · daaronder de dubbels (600 tot 100) · daaronder de gewone worpen, hoogste steen eerst (4&3 = 43).
Beurten: de starter kiest hoe vaak hij gooit, maximaal drie keer. Dat aantal geldt daarna voor iedereen in die ronde. Alleen je láátste worp telt.
Automatisch: gooi je trictrac, dan neem je die meteen en gaat de beurt door. Zijn je worpen op, dan blijft je worp staan — hoog of laag, je krijgt geen keuze voorgelegd.
Gooien of rollen: twee knoppen, twee worpen. Gooien is de boog uit de beker, rollen schuift de stenen laag over het laken. Op het bord zelf: tikken is gooien, vegen is rollen — de richting waarin je veegt bepaalt waar de stenen vandaan komen. Wat er valt is in beide gevallen even eerlijk: de server dobbelt.
De laagste in beeld: boven het bord staan drie vakjes: de worp die er ligt, de laagste worp van deze ronde en hoeveel worpen er nog in zitten. Wie er aan zet is staat er niet bij — die licht al goud op, op de rand van het bord en in het puntenpaneel. Daar moet je overheen — wie aan het eind onderaan staat, levert het punt in. Speel je samen op één apparaat met gedraaide namen, dan staan die vakjes niet boven het bord maar bij elke speler op de rand, meegedraaid met zijn eigen naam.
Op tijd gooien: je hebt 20 seconden per worp. Reageer je niet, dan gooit de tafel voor je. Bij een gemiste 2e of 3e worp krijg je geen nieuwe kans: dan sta je automatisch op de slechtste van je worpen die beurt.
Straf: de laagste worp van de ronde kost één punt. Elke trictrac die valt zet dat op twee punten per stuk — twee trictracs kosten de verliezer dus vier punten. Gooien meerdere spelers precies even laag, dan staat het vast: dat komt groot in beeld en zij gooien met één steen tegen elkaar door tot er nog maar één echte verliezer over is. Er ligt dan ook maar één steen op tafel. Wie verliest, begint de volgende ronde.
Punt pakken: kan pas als al je worpen op zijn — zolang je er nog één hebt, gooi je die natuurlijk eerst. Je zet is dan al doorgeschoven, maar de knop blijft nog in je actiebalk staan tot de vólgende speler gooit: zolang mag je je bedenken. Je levert één punt in, de ronde begint meteen opnieuw en jij bent de starter — dus met drie verse worpen. De tafel krijgt een melding zodra iemand het doet; wie de volle drie worpen opmaakte en dán pas inlevert, krijgt de One man show in beeld. Blijf je uit eigen beweging staan met OK terwijl je nog worpen over had, dan vervalt de kans — dat was je keuze. Zodra er trictrac op tafel ligt kan het sowieso niet meer.
Kroontje: de speler met de hoogste worp die al vastligt draagt een messing kroontje met zijn score erin.
De bok: wie als eerste door zijn zes punten heen raakt krijgt één bonuspunt en speelt door — met het bokje bij zijn naam.